Klitten bij je hond: voorkomen, uitkammen en wat je vooral niet moet doen

Klitten bij je hond: voorkomen, uitkammen en wat je vooral niet moet doen

Eén dag niet borstelen na een natte wandeling en het zit er alweer: een knoop achter het oor, een viltje in de oksel, een klit tussen de tenen. Klitten ontstaan sneller dan je denkt en ze worden vanzelf erger. In dit artikel lees je hoe klitten precies ontstaan, hoe je ze veilig uit de vacht haalt zonder je hond pijn te doen, wanneer knippen de enige optie is en hoe je zorgt dat het volgend seizoen niet weer gebeurt.

Waarom klitten meer zijn dan een cosmetisch probleem

Een klit is een verstrengeling van losse haren die niet uit de vacht is gekomen. Bij honden die ruien blijft dood haar in de vacht hangen, en dat haar heeft de neiging zich om de nog vastzittende haren te draaien. Voeg daar vocht, zand, zout water of gras aan toe en de knoop trekt zichzelf steeds strakker aan.

Wat veel mensen onderschatten: een klit trekt aan de huid. Bij elke stap, bij elke beweging van de poot. Dat doet pijn. Onder een grotere klit raakt de huid bovendien afgesloten van lucht, waardoor er een warm en vochtig plekje ontstaat waar bacteriën en schimmels het prima doen. Zit een klit er lang genoeg, dan vind je eronder vaak een rode, geïrriteerde of zelfs kale huid.

Klitten zitten bij vrijwel elke hond op dezelfde plekken: achter en onder de oren, in de oksels, in de liezen, aan de achterkant van de achterpoten, rond de staartaanzet en tussen de tenen. Dat zijn precies de plekken waar de vacht schuurt en waar je met een gewone borstelbeurt over de rug niet komt.

Welke honden krijgen sneller klitten?

Langharige rassen zijn de bekendste kandidaten, maar het gaat er niet alleen om hoe lang de vacht is. Het gaat vooral om de structuur.

Honden met een krullende of golvende vacht die niet ruit, zoals de Poedel, Doodle-varianten, Bichon en Portugese Waterhond, krijgen het snelst klitten. Hun haar groeit door en het losse haar valt niet uit de vacht maar blijft erin hangen. Bij hen is regelmatig kammen geen luxe maar noodzaak.

Dubbelvachtige rassen zoals de Golden Retriever, Border Collie, Australian Shepherd en Berner Sennen krijgen vooral problemen in de ruiperiode. De zachte ondervacht komt los, blijft in het dekhaar steken en vervilt daar tot dichte plakken. Dat is een ander type klit: geen losse knoop maar een vilt dat plat tegen de huid ligt.

Kortharige honden hebben er zelden last van, met uitzondering van de plooien bij rassen als de Mopshond of Bulldog, waar vuil en vocht zich verzamelen.

Klitten uit de vacht halen: stap voor stap

Stap 1: begin nooit met een droge, harde borstel

Dit is de fout die het vaakst gemaakt wordt. Droog door een klit heen borstelen trekt aan de huid en doet pijn, en je hond onthoudt dat. Een hond die één keer een vervelende kambeurt heeft gehad, gaat de volgende keer weglopen. Daarmee maak je het probleem structureel groter.

Werk de klit eerst soepel. Spuit hem in met een anti-klit detangler spray en laat die even intrekken. De spray maakt het haar glad zodat de haren langs elkaar kunnen glijden in plaats van tegen elkaar te blijven haken. Dat scheelt in de praktijk enorm veel trekken.

Stap 2: houd de klit vast bij de basis

Pak de haren tussen de klit en de huid vast met je vingers. Zo trek je bij het kammen niet aan de huid maar tegen je eigen hand in. Je hond voelt er dan nauwelijks iets van.

Stap 3: kam van buiten naar binnen

Begin bij de punt van het haar en werk in kleine stukjes naar de huid toe. Nooit andersom. Als je meteen bij de huid begint duw je de knoop alleen maar strakker samen.

Voor losse knopen werkt een combiborstel met pluk- en kamzijde goed: met de plukzijde haal je het losse haar eruit, met de kam werk je de rest af. Voor vilt en vastzittende ondervacht is een ontviltingskam beter, die heeft mesjes die de klit opensnijden in plaats van hem uit te trekken.

Stap 4: pluk grote klitten eerst uit elkaar

Zit er een dikke klit, probeer die dan niet in één keer te kammen. Trek hem met je vingers voorzichtig in twee of drie kleinere stukken. Meerdere kleine klitten zijn veel makkelijker weg te werken dan één grote.

Stap 5: houd het kort

Vijf minuten geconcentreerd werken is beter dan een half uur worstelen. Stop op een moment dat het nog goed gaat, geef een snack en pak het morgen weer op. Een klit loopt niet weg.

Wanneer moet je knippen?

Soms is kammen geen optie meer. Knip als de klit strak tegen de huid ligt en je er geen vinger meer tussen krijgt, als de huid eronder rood of nat is, of als je hond duidelijk pijn aangeeft bij aanraking.

Knip dan niet met een gewone schaar evenwijdig aan de huid. De huid van een hond is dunner en losser dan je verwacht en komt bij het optillen van een klit vaak mee omhoog. Dat gaat regelmatig mis. Schuif in plaats daarvan een kam onder de klit, tussen de klit en de huid, en knip erboven. De kam beschermt de huid.

Zit de vacht op meerdere plekken vol vilt, ga dan naar een trimmer. Grootschalig ontvilten kost tijd en vraagt een tondeuse. Dat is geen falen van jouw kant, dat gebeurt na een natte winter of een ziekteperiode gewoon.

Klitten voorkomen: wat echt helpt

Kam vaker, maar korter

Twee keer per week vijf minuten werkt beter dan één keer per maand een uur. Bij krullende vachten is om de dag realistischer. Loop daarbij bewust de probleemplekken langs: oren, oksels, liezen, achterbenen en staart. Alleen over de rug borstelen ziet er netjes uit maar lost niets op.

Kam altijd tot op de huid

Bij dikke vachten glijdt een borstel over de bovenlaag heen terwijl er onderin al vilt zit. Neem een kam en check of je die overal tot op de huid kunt trekken. Dat is de enige echte test.

Droog na elke natte wandeling

Een vacht die opdroogt terwijl je hond ligt of loopt, droogt in de verkeerde vorm op. Zand en zout versnellen dat nog eens. Spoel na het strand af met schoon water en droog de vacht na, vooral op de plooiplekken. Een washandje is handig voor de poten en de buik als een hele wasbeurt te veel is.

Let extra op in de rui

Rond september begint de najaarsrui. Dat is de periode waarin de meeste klitten en vilt ontstaan, omdat er in korte tijd veel ondervacht loskomt. Een shedder of ontwoller haalt die losse ondervacht eruit voordat hij kan vervilten. Twee weken extra aandacht in september bespaart je maandenlang gedoe.

Vergeet de binnenkant van het tuig niet

Draagt je hond dagelijks een tuig of halsband, controleer dan de vacht eronder. Juist daar schuurt het materiaal het haar in de knoop en zie je het niet omdat het bedekt is.

Wat je beter niet doet

Menselijke crèmespoeling of conditioner gebruiken. De pH-waarde van hondenhuid verschilt van die van ons en menselijke producten kunnen irritatie geven. Gebruik een middel dat voor honden gemaakt is.

Een klit natmaken en laten zitten. Water laat het haar juist opzwellen en trekt de knoop strakker. Gebruik een spray die het haar glad maakt, geen water.

Doorgaan als je hond stress geeft. Grommen, wegduiken of de kop wegdraaien zijn signalen. Als je die negeert, wordt de volgende kambeurt moeilijker. Bouw het rustig op met korte sessies en snacks.

Wachten tot het vanzelf beter wordt. Klitten lossen nooit vanzelf op. Ze worden alleen maar groter en zitten steeds dichter tegen de huid.

Kom je er niet uit?

Elke vacht is anders en wat bij een Doodle werkt is voor een Berner Sennen niet de juiste aanpak. Twijfel je welke kam of borstel bij jouw hond past, laat het ons weten. Bekijk ons aanbod vachtverzorging of loop even binnen in de winkel in Hulst, dan kijken we samen naar de vacht van je hond en zoeken we uit wat werkt.

Wil je meer weten over de vacht in andere seizoenen? Lees dan ook onze blog Vachtverzorging in de zomer: scheren of niet en hoe houd je de vacht gezond?

Dit bericht is gepost in Blog. Bookmark de link.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *